Kantoorintriges
Jack Welch in het FD van 29-12-06: “Kantoorintriges bestaan (…) slechts in de beleving van (…) bazenhaters, (…), mindere presteerders (…) en mensen die zich vervelen. Goede bedrijven doen hun best om deze mensen eruit te werken of ze juist weer op de juiste koers te krijgen.”
Telkens de overheid rapporteert dat de werkloosheid spectaculair is gedaald, weet elke rechtgeaarde burger dat hij moet kijken wat er in de voorgaande maanden veranderd is aan de definitie van “werkloze”. Meestal blijft het aantal mensen dat van een uitkering leeft namelijk nagenoeg gelijk en is er alleen een portie van het ene hokje naar het andere geschoven.
Zo ook met de definitie van “kantoorintriges”. Het kan niet anders dan dat Jack Welch de gemiddelde bedrijfscultuur buiten elke verdenking probeert te stellen en handelingen die ingaan tegen het bedrijfsdoel ook toekent aan mensen die daarom niet in dat bedrijf thuishoren. Maar wat zijn intriges en -zoals Goldratt het uitdrukt “onproductieve gedragingen”?
Recent onderzoek (zie “Twee man en een paardenkop”) toont aan dat het overgrote deel van werknemers van organisaties bijna nul motivering heeft. En toch zijn de meesten regelmatig op hun werk te vinden. Wat doen ze dan de hele tijd? Hun tijd uitzitten en proberen aan de verwachtingen te voldoen. Door een minimale inspanning en een grote trukendoos, dit alles tot de bedrijfscultuur verheffend. Wie de definitie van “kantoorintriges” tot dit soort activiteiten uitbreidt, kan grote cohorten medewerkers en managers “er uit werken”.
De waarheid zal, zoals steeds, wel ergens in het midden liggen. Je kunt je toch niet voorstellen, roept Welch, dat bedrijven als Microsoft zouden staan waar ze nu staan wanneer ze vergeven zouden zijn van intriges. Ik denk dat de juiste vraag echter luidt: waar zouden ze staan wanneer er helemaal geen intriges geweest waren?
Aan de andere kant: niets menselijks is ons allen vreemd, en intriges en politiek horen bij onze diersoort. Een goede leidinggevende weet ze in te perken en te kanaliseren. Zoniet is hij/zij aan de beurt om “er uit gewerkt” te worden.